anoniem

anoniem

redactie Anton Constandse.

 

Nog geen aanvullende gegevens.

[overzicht]



Alexander Berkman

Alexander Berkman

Alexander Berkman (1870-1936) werd geboren in Vilnius in Litouwen en emigreerde op jonge leeftijd naar de Verenigde Staten. Onder invloed van de propagandist Johann Most werd hij actief in de anarchistische beweging. Hij ontmoette Emma Goldman, met wie hij zijn leven lang nauw bevriend bleef.

In 1892 pleegde hij een aanslag op fabrieksdirecteur Henry C. Frick, die een arbeidersopstand bloedig had laten neerslaan. De aanslag mislukte. Berkman werd veroordeeld en bracht veertien jaar in de gevangenis door.

Na zijn vrijlating schreef hij het aangrijpende PRISON MEMOIRS OF AN ANARCHIST, vertaald als Gevangenisherinneringen van een anarchist.

Met Emma Goldman publiceerde hij jarenlang het tijdschrift MOTHER EARTH. Voor de Amerikaanse regering waren Goldman en hij de verpersoonlijking van het 'rode kwaad'.

In 1919, op het hoogtepunt van de 'Red Scare', de heksenjacht in de Verenigde Staten op alles wat rood was, werden Goldman en Berkman gedeporteerd naar de Sovjet Unie. Berkman was aanvankelijk optimistisch gestemd over de Russische Revolutie, maar raakte steeds meer gedesillusioneerd. In 1921 wisten beiden naar Berlijn te ontkomen.

Tot aan zijn zelfgekozen dood in 1936, verbleef Berkman in Frankrijk.

[overzicht]

> ABC van het Anarchisme

Jan Bervoets

Jan Bervoets

Jan Bervoets

Jan Bervoets werd op 18 november 1942 in Amsterdam geboren. Van 1961 tot 1970 studeerde hij Nederlands in Nijmegen. Daar kwam hij in aanraking met het surrealisme. Tegelijkertijd werd hij daar actief in het studentensyndicalisme, dat voor hem de basis werd voor een anarchistische visie op de samenleving. In diverse anarchistische tijdschriften publiceerde hij essays en rapporten.

In de jaren '80 herontdekte hij het suddealisme. Dit gaf hem de mogelijkheid voor een eigen poëzie als reactie op de maatschappijbeamende richtingen van die tijd. Het taalmateriaal dat hij in zijn omgeving en in zijn verbeelding tegenkomt is voor hem een instrument dat alle regels ontregelt. De strijd tegen wat als dagelijks bestaan beleden wordt maar het feitelijk niet is, laat in zijn werk niet zelden sporen na.

[overzicht]

> Richtlijnen voor de consument

> Samenzwering van het regenwoud

Ron Blom

Ron Blom

class="content"> Ron Blom (1963) is werkzaam bij het Stadsarchief Amsterdam en publiceerde in 2004 zijn proefschrift Niet voor God en niet voor het Vaderland. Linkse soldaten, matrozen en hun organisaties tijdens de mobilisatie van ’14-’18. Andere boeken van zijn hand zijn De oude socialistische partij van Harm Kolthek. Ontstaan, opkomst en ondergang van een ‘libertair-socialistische’ partij (1918-1928) 2007; Wij gingen onze eigen weg. Herinneringen van revolutionaire socialisten in Nederland van 1930 tot 1950 (2011); Frank van der Goes, 1859-1939 – Journalist, literator en pionier van het socialisme (2012); Amsterdam en de Eerste Wereldoorlog (2014); Macht en onmacht van archieven, SAP Jaarboek 14 (2014); en ‘Een banier waar geen smet op rust’. De geschiedenis van het trotskisme in Nederland, 1938-2012 (2015). Blom publiceerde verder in het Archievenblad, Critique, het Biografie Bulletin, Socialist History en De Parelduiker. In 2016 droeg hij bij aan de bundel Vrijdenken en humanisme in Nederland. 40 plekken van herinnering.

[overzicht]

> De Oorlog, voor de mensen een tragedie

Simon Carmiggelt

Simon Carmiggelt

Simon Johannes Carmiggelt (Den Haag, 7 oktober 1913 – Amsterdam, 30 november 1987) was een Nederlandse schrijver, vooral bekend van zijn krantencolumns (Kronkels) in Het Parool  In 1961 werd hem de Constantijn Huygensprijs toegekend en in 1974 de P.C. Hooft-prijs.
In 2013, het honderdste geboortejaar van Carmiggelt, verscheen een bundeling van een deel van zijn 10.000 Kronkels in een dundruk uitgave bij Van Oorschot
class="content">  

[overzicht]

> Carmiggelt over Cohen

Anton Constandse

Anton Constandse

Anton Levien Constandse (Brouwershaven, 13 september 1899 - Den Haag, 23 maart 1985) was een Nederlandse schrijver, journalist, anarchist, atheïst en vrijdenker.

Hij was afkomstig uit een (deels) doopsgezind milieu, volgde de catechisatie bij dit kerkgenootschap en deed er openbare belijdenis van het geloof. Ten tijde van de Eerste Wereldoorlog wendde hij zich tot het anarchisme en het atheïsme en werd een fel pleitbezorger van beide overtuigingen. In 1918 behaalde hij de lagere onderwijsakte alsmede een lagere akte Frans (later zou hij ook nog twee middelbare aktes Frans behalen). In 1920 werd hij veroordeeld voor heling en werd hij een half jaar opgesloten in de 'modelgevangenis' Veenhuizen. Hij werkte slechts kortstondig in het onderwijs en op kantoor, gaf wat bijlessen en een tijdlang privélessen (in de jaren dertig) maar was overwegend als journalist en publicist actief. In de jaren twintig voerde hij debatten over het atheïsme met dominee A.H. de Hartog en kwam zijn Grondslagen van het atheïsme (1926) uit. In 1927 werd hij tot twee maanden gevangenisstraf veroordeeld omdat hij Nederlandse soldaten die waren betrokken bij een internationaal opgezette bezetting van de Chinese havenstad Sjanghai had aangemaand dienst te weigeren.

Van 1921 tot 1926 was hij getrouwd met Johanna van Harselaar, uit dit huwelijk kwamen geen kinderen voort. In 1938 hertrouwde hij met Gerarda Hendrika van der Gaag, tezamen met haar had hij één kind, een zoon.

Constandse maakte een ontwikkeling door van een linkse pacifistische anarchist tot een meer 'zakelijke' vrijdenker die onder druk van het opkomen van het nationaalsocialisme en zijn ervaringen in de Spaanse Burgeroorlog waarvoor hij in 1936 voor het blad De Dageraad verslag uitbracht, het anarchisme en het pacifisme liet varen. Zijn nieuwe bevindingen kregen hun weerslag in zijn in 1938 uitgebrachte boekwerk Grondslagen van het anarchisme.

Als vergelding voor de internering van Duitsers in Nederlands-Indië werd hij op 7 oktober 1940 samen met 109 anderen als gijzelaar naar Buchenwald overgebracht. Later werd hij in Nederland ondergebracht, onder meer in Kamp Vught. Tijdens deze gevangenschap ontmoette hij de oud-directeur van het Algemeen Handelsblad, waarvoor hij van 1945 tot 1964 hoofd van de buitenlandredactie was. Zijn anarchistische verleden vormde geen beletsel om bij deze liberale krant te werken, mede omdat hij een heel zakelijke wijze van verslaglegging placht te hanteren. Tegenover intimi rechtvaardigde hij zijn dienstbetrekking bij "het Kapitaal" dat zijn Anarchisme eigenlijk een speciale vorm van het Liberalisme is.

Verder heeft hij ook nog voor het Humanistisch Verbond, De Vrije Gedachte, De Gids, De As, De Vrijdenker, Verstandig Ouderschap en Mens en Wereld gewerkt. In de laatste jaren van zijn leven was zijn krakend stemgeluid bijna wekelijks te horen in de radiouitzending Het Gebouw van de VPRO, waarin hij zich in zijn commentaren steeds opnieuw en vurig bleef verzetten tegen oorlog, kapitalisme, kolonialisme, imperialisme en vooral de buitenlandse politiek van de Verenigde Staten. Na de door de VS geleide val van de regering Salvador Allende van Chili brak zijn elan en werden zijn commentaren cynischer en pessimistischer.

Hij schreef in totaal 5000 artikelen, hield 2750 lezingen en schreef 40 boeken, waarvan het laatste postuum in 1985 verscheen onder de titel Een ongenode gast, gericht tegen het bezoek van de paus aan Nederland.

[overzicht]

> De bron waaruit ik gedronken heb

> De autobandieten

> Opstand

> ALARM, 1922-1926

redactie De Moker

redactie De Moker

De redaktie is wisselend van samenstelling, tot nr 14 van 1 januari 1925 zijn het Rinus v.d. Brink, Jac. Knap en Herman Schuurman, daarna vervangt Bertus Hooyberg Rinus v.d. Brink; vanaf nr 17 van 1 april 1925 zijn het weer Rinus v.d. Brink, Jac. Knap en een met puntjes aangeduid persoon [waarschijnlijk Herman Schuurman]. Vanaf nr 20 van 20 februari 1926 gebruikt de redaktie het pseudoniem ‘Teun de Slooper, reiziger in dynamiet en breekijzers.’

[overzicht]

> DE MOKER 1923-1928

Roel van Duijn

Roel van Duijn

vul hier een beschrijving in over deze auteur

[overzicht]

> PROVO & PROVOCATIES 1965-1967

Vera Figner

Vera Figner

Vera Figner (1852-1942) werd geboren in een rijke familie in het Russische gouvernement Kazan. Ze was de oudste van zes kinderen. Ze werd met strenge discipline opgevoed. Een beslissende invloed in haar ontwikkeling hadden sociale romans, Vera Figner zelf noemt Nekrasov's roman Sacha als keerpunt. "Deze roman ... heeft me geleerd hoe men moet leven en waarnaar men streven moet, dat men niet alleen met mooie woorden moet dwepen maar ook zijn principes naleven en dit van zichzelf zoowel als van zijn medemenschen kan vorderen."

Vera gaat in Zürich medicijnen studeren. Hier komt zij in revolutionaire kringen en ze wordt lid van de beweging Land en Vrijheid. Haar studie breekt ze af om terug te keren naar Rusland en als hulpdokter onder de boeren te gaan werken om propaganda te voeren. Als openlijke propaganda vrijwel onmogelijk wordt gemaakt wordt ze lid van Volkswil. Deze ondergrondse organisatie wilde door aanslagen het bewind van de tsaar hervormen. In 1881 slaagde een aanslag op tsaar Alexander II. Kort hierna werd Vera Figner door verraad gearresteerd en veroordeeld tot levenslange eenzame opsluiting in fort Schlüsselburg. De verschrikkelijke periode in de gevangenis beschrijft ze in Twintig jaar in de kazematten, het 2e deel van haar autobiografie.

Na 20 jaar krijgt ze gratie en wordt vervolgens verbannen naar het gouvernement Archangelsk. De revolutie van 1905 leidde tot haar bevrijding. Gebroken door de gevangenis en verbanning gaat ze in 1906 naar Frankrijk. Hier organiseert ze een hulpcomité voor Russische gevangenen. In 1914 reist ze weer naar Rusland en wordt opnieuw onder politietoezicht geplaatst. De revolutie in 1917 bracht nieuwe hoop voor Vera Figner die echter door de toenemende dictatuur van de bolsjewiki de bodem werd ingeslagen. Tot haar dood blijft ze strijden voor een maatschappij waarin de persoonlijkheid de mogelijkheid heeft haar krachten alzijdig te ontwikkelen en deze geheel in dienst van de maatschappij te stellen.

De laatste jaren van haar leven staat ze opnieuw onder politietoezicht, ditmaal van de nieuwe Russische heersers, de bolsjewieken.

[overzicht]

> NACHT OVER RUSLAND

Jacques  J. Giele

Jacques J. Giele

Jacques J. Giele

 

Jacques Giele (1942-2012)

[overzicht]

> Arbeiderszelfbestuur in Spanje 1936-1939

> Hoe zag Nederland er in 1850 uit?

> Rond de Eerste Internationale

Thom Holterman

Thom Holterman

class="content">
Thom Holterman (1942) is jurist en publicist. Hij was autoplaatwerker, deed zijn vervangend dienst als verpleegkundige en werkte vervolgens als free-lance journalist. Na een rechtenstudie aan de Erasmus universiteit werd hij juridisch medewerker bij de Gemeenschappelijke Persdienst in Den Haag en vervolgens universitair hoofddocent aan de Erasmus-universiteit te Rotterdam. Samen met Henc van Maarseveen organiseerde hij in 1979 een meerdaags  internationaal seminar met als onderwerp ‘Anarchisme & Recht’. Hij publiceerde onder andere Andere Staatsopvatting (een anarchistisch syndroom) (1975), Law in Anarchism  (1980). In 1986 promoveerde hij op de dissertatie Recht en politieke organisatie. Thom is redacteur van het tijdschrift De AS.
 
vul hier een beschrijving in over deze auteur

[overzicht]

> Anarchisme in de Lage Landen

Piet Honig

Piet Honig

[overzicht]

> Herinneringen van een Rotterdams revolutionair

Rudolf de Jong en anderen

Rudolf de Jong en anderen

Auteurs Rudolf de Jong, Mechteld de Bois, Yme Kuiper en Sanny de Zoete.









[overzicht]

> Chris Lebeau

Peter Kropotkin

Peter Kropotkin

Peter Kropotkin werd geboren in Moskou in het jaar 1842.
Van 1867 tot 1872 studeerde hij geologie, geografie, wiskunde en biologie in St. Petersburg. In 1872 maakte hij zijn eerste reis naar West-Europa en kwam in contact met de Internationale Arbeidersassociatie. Cruciaal was zijn ontmoeting met leden van de zogenaamde Jurafederatie.
Na zijn verblijf in Zwitserland keerde Kropotkin terug naar Rusland waar hij zich aansloot bij de radicale Tsjaikovsky-groepering, een geheime groep van jonge intellectuelen die zich bezighield met revolutionaire activiteiten. Het duurde echter niet lang of Kropotkin werd opgepakt en ervan beschuldigd tot een geheim genootschap te behoren en samen te zweren tegen de Tsaar (in 1874). Hij werd opgesloten in de beruchte Peter-Paulsvesting in St. Petersburg. Na twee jaar eenzame opsluiting belandde hij in een militair hospitaal, waaruit hij met behulp van vrienden op spectaculaire wijze wist te ontsnappen.
Hierna verbleef Kropotkin enkele jaren in Zwitserland, tot hij in 1881 op verzoek van de Russische regering het land werd uitgezet. Hij verhuisde naar Frankrijk waar hij het tijdschrift Le Révolté oprichtte en een begin maakte met het schrijven van anarchistische pamfletten en artikelen. In 1883 werd hij wederom gearresteerd en drie jaar lang gevangen gehouden in de gevangenis van Clairvaux. Na zijn vrijlating en uitzetting uit Frankrijk vertrok hij in 1886 met zijn vrouw en dochter naar Engeland, waar hij ruim dertig jaar verbleef.
Om in zijn levensonderhoud te voorzien schreef Kropotkin artikelen over geografische onderwerpen en boekbesprekingen voor wetenschappelijke tijdschriften. Het grootste gedeelte van zijn tijd besteedde hij echter aan het verder uitwerken van zijn anarchistische theorieën. Zijn onderzoekingen leidden hem tot het blootleggen van bepaalde libertaire tendenzen in de maatschappij die een indicatie vormden voor de toekomst. Gedurende zijn verblijf in Engeland schreef Kropotkin zijn belangrijkste theoretische bijdragen aan het anarchisme.
Het uitbreken van de Russische revolutie in 1917 markeerde de laatste levensfase van Kropotkin. Na meer dan veertig jaar ballingschap keerde Kropotkin op 75-jarige leeftijd terug naar Rusland. In juni 1917 arriveerde hij in St. Petersburg, verwelkomd door een grote massa aanhangers. Kerensky, die sinds juli 1917 minister-president was, bood Kropotkin een plaats aan in de voorlopige regering als minister van onderwijs, die hij echter niet accepteerde. Na het grijpen van de macht door de bolsjewieken in oktober 1917 raakte Kropotkin al snel teleurgesteld over de resultaten van de revolutie. Actief schrijvend aan een lijvig boek over ethiek overleed Kropotkin op 79-jarige leeftijd in 1921.

[overzicht]

> De Verovering van het Brood

> Wederzijdse Hulp

> Peter Kropotkin over wetten en gevangenissen

Gustav Landauer

Gustav Landauer

Gustav Landauer (1870-1919) is vooral bekend doordat hij vermoord werd bij het neerslaan van de Münchener radenrepubliek. Hij verdient echter veeleer de aandacht als oorspronkelijk denker, literator en anarchist.

[overzicht]

> Oproep tot socialisme

Dennis de Lange

Dennis de Lange

Dennis de Lange studeerde geschiedenis. Hij werkt thans als leraar en houdt zich bezig met de geschiedenis van het anarchisme in het interbellum.

[overzicht]

> Tolstojanen in Nederland

Comte de Lautréamont

Comte de Lautréamont

Comte de Lautréamont, ook wel kortweg Lautréamont, pseudoniem voor Isidore Lucien Ducasse (Montevideo, Uruguay, 4 april 1846 – Parijs, 24 november 1870) was een Frans schrijver en dichter. Hij was een belangrijk voorloper van het surrealisme.

Les Chants de Maldoror werd in zijn complete vorm voor het eerst gedrukt in 1869. Het boek kwam echter niet in de boekhandel; wel is van deze eerste versie een tiental exemplaren aan de auteur gestuurd. De oplage, die nog in plano lag, werd in 1874 door een Belgische uitgever gekocht en voorzien van een nieuwe titelpagina en omslag in de handel gebracht - een zogenaamde titeluitgave, met het jaar 1874. Deze uitgave is uiterst zeldzaam: er was geen enkele interesse voor het boek van de onbekende auteur, en die kwam ook niet toen Paul Verlaine hem in de jaren '80 van de negentiende eeuw voorstelde als een prototype van de poète maudit. In 1890 werd Les Chants de Maldoror herdrukt in een geringe editie van niet meer dan 250 exemplaren. Ook deze uitgave bracht Lautréamont niet in de belangstelling. Wel vond minstens één exemplaar zijn weg naar Nederland, waar de psychiater Johan Stärcke een vertaling van het boek vervaardigde, in 1917 door uitgever C.A.J. van Dishoeck uitgebracht onder de titel De zangen van Marldoror, met een horror-bandtekening van W.F. Gouwe. De vertaling van Stärcke was een primeur: de eerste integrale vertaling van de Les Chants de Maldoror (in 1970 verscheen een Nederlandse hervertaling van de hand van Christiaan Lijsen).
Eveneens in 1917 vond een twintigjarige Fransman, Philippe Soupault, die niet lang daarna een van de eerste surrealistische auteurs zou worden, een exemplaar van de editie van 1874 in een antiquariaat. Hij liet het boek lezen aan André Breton, en beiden waren enthousiast. Louis Aragon ging samen met Breton op zoek, en zij ontdekten het enige overgeleverde exemplaar van Poésies I en II in de Franse Bibliothèque nationale. In 1919 werden er fragmenten in literaire tijdschriften gepubliceerd, en in 1920 verscheen een nieuwe complete editie in 590 exemplaren, herdrukt in 1925 (1090 exemplaren). Ditmaal werd het genie van de jonggestorven auteur erkend. Sinds de jaren '20 wordt Lautréamont beschouwd als een van de grote auteurs van de wereldliteratuur. De surrealisten zagen in hem een voorloper, profeet en patroonheilige.
In 1980 verscheen een definitieve, uitvoerige, wetenschappelijk verantwoorde editie in Les Éditions Pléiade, van 1500 pagina's, vijf maal de omvang van de oorspronkelijke Chants de Maldoror. Zijn werk heeft veel surrealistische beeldend kunstenaars geïnspireerd, onder meer Salvador Dalí, René Magritte, Max Ernst, André Masson, Yves Tanguy, Joan Miró en Georg Baselitz.

[overzicht]

> Hondse Gedichten (I en II)

> De Zangen van Maldoror

Marinus van der  Lubbe

Marinus van der Lubbe

De vierentwintigjarige werkloze metselaar Marinus van der Lubbe stak op 27 februari 1933 in zijn eentje het Berlijnse Rijksdaggebouw in de brand met de bedoeling een signaal te geven voor de Duitse arbeiders in verzet te komen. Hij werd daarbij op heterdaad betrapt en aangehouden. Zijn daad had echter het tegengestelde effect van wat hij beoogde. De nazi's beschuldigden Marinus van der Lubbe ervan deel uit te maken van een communistisch complot en gebruikten de brand als voorwendsel hun politieke tegenstanders ter linkerzijde te vervolgen. Communisten en socialisten distancieerden zich van de brandstichting en beschuldigden Marinus van der Lubbe ervan een handlanger van de nazi's te zijn. Alleen enkele geestverwante radencommunisten en radicale anarchisten stonden achter hem. Het door de communisten gepubliceerde Bruinboek concludeerde op uit hun verband gerukte verklaringen dat Marinus een homoseksuele schandknaap van de nazi's was. De nazi's organiseerden een showproces in Leipzig dat eindigde met de doodstraf voor Marinus van der Lubbe. Op 10 januari 1934 wordt hij onthoofd.

[overzicht]

> Roodboek

> Dossier Marinus van der Lubbe 1933/1934

Louis Mercier Vega

Louis Mercier Vega

Het bestaan van Louis Mercier Vega begint op 1 oktober 1940 als hij een Chileense identiteitskaart krijgt met deze naam. Hij is dan 26 jaar oud. Hij werd in Brussel geboren als Charles CORTVRINT en wordt al jong actief in de Belgische anarchistische beweging. Om de dienst te ontlopen vestigt hij zich in Parijs waar hij lid wordt van de Union Anarchiste. In 1933 is hij afgevaardigde op het congres van Orleans in 1933. Hier ontmoet hij Charles Carpentier. Met hem vertrekt hij naar Spanje als de Revolutie in 1936 uitbreekt. Samen richtten ze de Internationale Groep van de Colonne van Durruti op die aan het front in Aragon vecht. Op 17 oktober 1936 wordt deze groep gedecimeerd door de marokkaanse cavallerie. Hierna gaan zij terug naar Frankrijk om daar steun voor het revolutionaire Spanje te organiseren.

Eind 1939 vertrekt Louis Mercier Vega naar België, naar Hem Day. Hij scheept in Antwerpen in voor Zuid-Amerika en komt uiteindelijk in Chili terecht. In 1942 tekent hij voor het leger van de Vrije Fransen en belandt zo in het nabije Oosten. Het zijn deze episodes die in Zonder Papieren beschreven worden. In 1945 na zijn demobilisatie wordt hij redacteur van de Dauphiné Libéré. In 1958 staat hij aan de wieg van de Commission Internationale de Liaison Ouvrière, een los verband van libertairen en revolutionair syndicalisten in diverse landen. Van de CILO maakt bijvoorbeeld ook de Nederlander Albert de Jong en de in Zweden wonende Helmut Ruediger deel uit. Hij is auteur van diverse boeken waarvan de bekendste L'INCREVABLE ANARCHISME en LA RÉVOLUTION PAR L'ETAT zijn. Daarnaast was hij redacteur of oprichter van verschilledne tijdschriften, bijvoorbeeld het invloedrijke Interrogation.

Hij gebruikte diverse pseudoniemen waaronder, Charles RIDEL, Carlo Manni, Santiago Parane. In 1977 maakte hij een einde aan zijn leven. Hij wilde zich niet zien aftakelen.

[overzicht]

> Zonder papieren

Pierre van Paassen

Pierre van Paassen

Pierre van Paassen

 

De journalist Pierre van Paassen (1895-1968) werd geboren in Gorcum in een christelijk gezin. In zijn jeugd werd hij sterk beïnvloed door een oom met progressieve ideeën. In 1914 emigreerde hij naar Canada. Hier werkte hij een aantal jaren als zendeling onder immigranten uit Roethenië, nam in 1917 dienst in het Canadese leger en vocht als infanterist in de Eerste Wereldoorlog in Frankrijk.

In 1921 begint zijn journalistieke carriere. Al snel wordt hij Europees correspondent van een aantal bladen vanwege zijn talenkennis. Van Paassen kan gezien worden als een socialistische christendemocraat. Zijn autobiografie De dagen onzer jaren bevat een hoofdstuk over Spanje wat hier onder de titel Het begin van de Spaanse Burgeroorlog verschijnt

[overzicht]

> Het begin van de Spaanse Burgeroorlog

Rudolf Rocker

Rudolf Rocker

De Duitse anarchistische boekbinder Rudolf Rocker (1873-1958) is vooral bekend als vakbewegingsman en propagandist. Zijn leven speelde zich af in geheel verschillende historische tijdperken en culturele omgevingen. Steeds heeft hij zijn anarchisme in het kader van de veranderde omstandigheden geplaatst zonder het ontrouw te worden. Via de radicale 'Jungen' in de Duitse sociaaldemocratie komt hij bij het anarchisme. In 1893 vlucht hij naar Pparijs en in 1895 naar Londen waar hij actief wordt in de Joodse arbeidersbeweging. Hij leert Jiddisch, wordt redacteur van anarchistische bladen en werkt mee aan de opbouw van vakbonden. Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt hij in Engeland geinterneerd en vervolgens uitgewezen. Via Nederland komt hij weer in Duitsland waar hij actief wordt in de anarchosyndicalistische vakbond FAUD. Als de nazi's aan de macht komen moet hij vluchten. Met als enige bezit het manuscript van zijn hoofdwerk Nationalisme en Cultuur vlucht hij met zijn levensgezellin Milly Witkop naar de VS.

[overzicht]

> Nationalisme en cultuur

> Onder Joodse Arbeiders

Nicola Sacco , Bartolomeo Vanzetti

Nicola Sacco , Bartolomeo Vanzetti

[overzicht]



René Sanders

René Sanders

René Sanders is filosoof. Promoveerde op een proefschrift over de situationisten met als titel: Beweging tegen de schijn, de situationisten een avantgarde. Vertaalde meerdere werken uit het Frans oa. Gilles Deleuze Rizoom; de situationisten (R. Vaneigem Het stuurse gezicht van het surrealisme; Rue Sauvage, een keuze uit het werk van de situationisten); de surrealisten Seksuele obsessies en Lautréamont Hondse Gedichten. Is tevens auteur van o.a. Wat # dialektiek? (1989) en Blikvangers (1994).

[overzicht]

> De chaosmaatschappij

Seán M. Sheehan

Seán M. Sheehan

[overzicht]

> Anarchisme, een reisgids

Augustin Souchy

Augustin Souchy

Augustin Souchy (1892-1984) werd in Ratibor in het toenmalig Duitse Silezië geboren in een socialistisch nest. Toen in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbrak vluchtte hij als dienstweigeraar naar Zweden. In 1917 werd hij uitgewezen vanwege zijn antimilitaristische propaganda. 1919 was hij weer in Duitsland en werd actief in de anarchosyndicalistische beweging, de Freie Arbeiter-Union Deutschlands FAUD samen met Rudolf Rocker, en hoofdredacteur van Der Syndikalist, het blad van de FAUD, van 1922-1933. In 1920 verbleef hij in Rusland als vertegenwoordiger van de FAUD op het tweede Comintern congres. Daarna was hij medeoprichter en secretaris van de IAA, de Internationale Arbeiders Associatie, de syndicalistische Internationale. In dit verband reisde hij naar Zuid-Amerika en Spanje.
Na de brand in de Rijksdag vluchtte hij uit Duitsland naar Frankrijk en in 1936 bevond hij zich in Barcelona voor de Arbeiders Olympiade toen de Spaanse Revolutie uitbrak. Tot het einde van de Burgeroorlog was hij buitenlandvertegenwoordiger van de CNT, de Spaanse anarchosyndicalistische vakbond. Na zijn vlucht uit Spanje werd hij in Frankrijk geïnterneerd. Vlak voor de komst van de Duitse troepen wist hij weer te ontsnappen en via Casablanca naar Mexico te ontkomen. Hij werkte in de jaren '60 als docent voor de ICFTU, de International Confederation of Free Trade Unions en in Latijns Amerika voor de ILO, de International Labour Organisation. Ook reisde hij als spreker en propagandist over de hele wereld. Zo sprak hij op het congres van de Cubaanse anarchosyndicalisten in 1949, waar hij na de Castro-revolutie weer terugkwam, bezocht de Kibbutz in Israel in 1951 en de landbouwcollectieven in Portugal in 1975. In 1966 vestigde hij zich weer in Duitsland in München waar hij in 1983 overleed.

Souchy was geen theoreticus maar een opmerkelijk propagandist en docent die vrijwel alle revoluties in de 20e eeuw meegemaakt heeft en over alle ook geschreven heeft waarbij hij steeds de positieve ontwikkelingen benadrukte.

[overzicht]

> Revolutie en burgeroorlog

Leo Tolstoj

Leo Tolstoj

Tolstoj werd geboren op het landgoed Jasnaja Poljana, in de buurt van Toela, 180 kilometer ten zuiden van Moskou. Hij kwam uit een familie van hoge adel. Zijn vader, graaf Nikolaj Iljitsj Tolstoj, was een deelnemer aan de 'Vaderlandse oorlog' van 1812 tegen de legers van Napoleon. Zijn moeder Maria Nikolajevna was vorstin. Zijn ouders overleden echter al vroeg en hij werd door familieleden opgevoed. Zijn vroege leven op Jasnaja Poljana heeft een grote invloed uitgeoefend op de toekomstige schrijver. Daar maakte hij kennis met het leven van de arme boeren. Hij kreeg onderwijs van huisleraren en las erg veel in het Frans, Duits en Engels. In het Frans bijvoorbeeld alle werken van Rousseau van wie hij op 15-jarige leeftijd een portretje in een medaillon om zijn hals droeg. Ook las hij al vroeg de gedichten, sprookjes en legenden van de door hem bewonderde Poesjkin.
Toen hij in 1844 zestien jaar oud was ging hij naar de universiteit van Kazan, waar hij oosterse talen studeerde om zich voor te bereiden op een diplomatieke carrière. Teruggekeerd op het familielandgoed stichtte hij zijn eerste schooltje voor de kinderen van de arme boeren. Hij was toen 21 jaar oud. Dit eerste schooltje heeft niet lang bestaan, hoogstens een jaar. Er is vrijwel niets over bekend.
In 1851 nadat hij grote schulden tijdens het gokken had gemaakt, en een wild leven leidde, vergezelde hij zijn oudere broer Nikolaj, die officier was in het Russische leger. naar de Kaukasus en trad even later ook tot het leger toe als cadet. Tolstoj vocht mee in de Kaukasus tegen de opstandige en naar onafhanklijkheid strevende Tataren (islamitische bergvolken in de Noordelijke Kaukasus) en aansluitend in de Krimoorlog bij de verdediging van Sebastopol als commandant van een artilleriebatterij. In deze jaren schreef hij zijn Kinderjaren en Jeugdjaren en een eerste reeks verhalen. Voor al zijn geschriften vond hij vrijwel direct een uitgever en raakte als schrijver bekend. Door zijn verhalen uit beide oorlogen wordt hij ook wel de 'eerste oorlogscorrespondent' genoemd.

[overzicht]

> Het sprookje van Ivan de dwaas

Sacco  en  Vanzetti

Sacco en Vanzetti

vul hier een beschrijving in over deze auteur

[overzicht]



Siegbert Wolf

Siegbert Wolf

Siegbert Wolf (geb 1954) is historicus en schrijver. Hij woont en werkt in Frankfurt am Main. HIj publiceerde een groot aantal boeken  onder andere over Gustav Landauer, Martin Buber, Hannah Arendt, Jean Améry en ook enkele over de geschiedenis van de stad Frankfurt.

[overzicht]

> Open de poorten van de Vrijheid

Jevgeni Zamjatin

Jevgeni Zamjatin

Zamjatin werd geboren in tsaristisch Rusland in 1884 in het plaatsje Lebedjan, ongeveer 200 kilometer ten zuiden van Moskou. Aanvankelijk was hij Bolsjewiek en werd in 1905 al eens gearresteerd door de Tsaristische politie. In 1911 publiceerde Zamjatin met “Over het leven in de provincie” zijn eerste literaire werk, in 1913 maakte hij naam met “De draak”. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werkte hij geruime tijd in Engeland als scheepsbouwkundig ingenieur, hetgeen het verhaal “De eilandbewoners” (1917) opleverde, een satire op de hypocrisie en het puritanisme van de Engelsen.
Na de Russische Revolutie werd Zamjatin een leidende figuur in de Russische literaire wereld: hij gaf literaire tijdschriften uit, zetten literaire cursussen op en was leermeester van de non-conformistische Serapionbroeders. Zamjatin kreeg het al snel aan de stok met de dogmatische en bureaucratische Bolsjewistische machthebbers en neemt het op voor de ‘ketters’. “Ware literatuur wordt niet gemaakt door ambtenaren”, schreef hij in zijn beroemde essay “Over literatuur, revolutie en entropie” (1923). In “De vuren van de heilige Domenicus” (1923) legt hij een overduidelijke analogie met de inquisitie.
Het gevolg van Zamjatins onafhankelijke houding was dat hij ‘de duivel van de Sovjetliteratuur’ werd. Vanaf de publicatie van zijn reeds begin jaren twintig geschreven toekomstroman “Wij” in 1929 waren de verhoudingen helemaal verstoord. Zamjatin trad zelf terug uit de schrijversbond en schreef in juni 1931 zijn beroemde “Brief aan Stalin”, die de geschiedenis van de Russische literatuur is ingegaan als een document van een grote, moedige persoonlijkheid: “Ik heb de gewoonte niet te zeggen wat op enig moment dienstig lijkt, maar wat mij op dat moment de waarheid lijkt”, legde hij uit. Zamjatin vroeg om toestemming naar het Westen te emigreren, en op voorspraak van Gorki werd hem dat, tot zijn eigen verbazing, verleend.
Zamjatin overleed in 1937 berooid en door heimwee verteerd, op 53-jarige leeftijd, in Parijs.

[overzicht]

> In de provincie en andere verhalen

anoniem

Berkman

Bervoets

Blom

Carmiggelt

Constandse

De Moker

Duijn

Figner

Giele

Holterman

Honig

Jong en anderen

Kropotkin

Landauer

Lange

Lautréamont

Lubbe

Mercier Vega

Paassen

Rocker

Sacco , Bartolomeo Vanzetti

Sanders

Sheehan

Souchy

Tolstoj

Vanzetti

Wolf

Zamjatin