P. KROPOTKIN
DE VEROVERING VAN HET BROOD

Inleiding

Peter Kropotkin en zijn ideaal van het anarchistisch socialisme
door Marius de Geus

1. Introductie
Peter Kropotkin heeft op verschillende wijzen bijgedragen aan de anarchistische theorievorming. In de eveneens bij Kelderuitgeverij uitgegeven herdruk Wederzijdse hulp, een factor in de evolutie (oorspronkelijke Nederlandse vertaling 1904) heeft hij vooral een kritische en wetenschappelijk gefundeerde analyse gegeven van de achtergronden van de menselijke evolutie. In Wederzijdse hulp toont hij aan dat solidariteit, onbaatzuchtig gedrag en het geven van wederzijdse hulp in de geschiedenis de voornaamste factoren zijn. Op basis van dit diepere inzicht komt Kropotkin vervolgens tot de onontkoombare conclusie dat de mens heel goed zonder machtige staat op een in essentie vreedzame wijze kan samenleven.
Volgens Kropotkin hebben de mensen sinds het begin van de geschiedenis niet als geatomiseerde individuen geleefd, maar altijd verkeerd in kleinschalige, hechte en solidaire samenwerkingverbanden. Dit is naar zijn idee eigen aan het maatschappelijke karakter van de mens en aan het gegeven dat solidariteit en samenwerking met anderen de overlevingskansen vergroten. Achtereenvolgens leefde de mens in stammen, dorpsgemeenschappen, steden, en was er sprake van een betrekkelijk grote mate van vrijheid en gelijkheid. Dit veranderde echter tegen het eind van de vijftiende eeuw, toen in Europa het proces van staatsvorming in gang werd gezet. Er ontstonden gecentraliseerde natiestaten die gehoorzaamheid, onderdanigheid en discipline eisten van de burgers en die gekenmerkt werden door een piramidale organisatiewijze. Het ontmantelen van de kapitalistische staat is naar zijn idee een noodzakelijke voorwaarde voor het bereiken van een algemene bevrijding van het individu, altruïstisch handelen van de mens en een betekenisvolle maatschappelijke vooruitgang.
Men zou kunnen zeggen dat Kropotkin in zijn magnum opus Wederzijdse hulp, een factor in de evolutie vooral onderzoek heeft gedaan naar de achterliggende maatschappelijke en historische achtergronden en de voornaamste bestaansvoorwaarden van het anarchisme. Vanuit puur wetenschappelijk oogpunt vormt dit werk dan ook de belangrijkste bijdrage van Kropotkin aan de geschiedenis van de politieke theorieën. Wie zich echter concentreert op de vraag welk van zijn boeken het meeste invloed heeft gehad op de politieke en sociale beweging van het anarchistisch socialisme en het meest heeft betekend voor de gewone burgers, zal om verschillende redenen uitkomen bij het boek dat nu voor u ligt, te weten De verovering van het brood (Nederlandse vertaling 1894 door Ferdinand Domela Nieuwenhuis).
De verovering van het brood is buitengewoon helder geschreven en is zeker goed leesbaar voor een breed publiek. In het boek wordt in feite stapsgewijs uitgelegd hoe de maatschappelijke krachten zo gebundeld kunnen worden dat een zo hoog mogelijk welvaartspeil voor iedereen bereikt kan worden, terwijl er toch alle ruimte blijft bestaan voor individuele vrijheid en optimale sociale rechtvaardigheid. En op scherpe wijze wordt er beargumenteerd waarom de hedendaagse hierarchische kapitalistische staat zal moeten plaats maken voor vrije federaties van locale organisaties en gemeenschappen.
In het boek wordt op een scherpzinnige manier de heersende opvatting over de legitimiteit van privé-bezit van land, fabrieken, mijnen, huizen, enzovoort bekritiseerd. Kropotkin weet duidelijk te maken dat het economische systeem van het vrije markt kapitalisme onaanvaardbare consequenties heeft en legt uit wat de voordelen zijn van gesocialiseerd bezit en gemeenschappelijke productie. Volgens hem zou de vrije markt economie vervangen moeten worden door een anarchistisch-socialistisch systeem van productie en consumptie dat een einde zou maken aan de uitbuiting van de arbeiders. Alle productiemiddelen en kapitaal zouden in handen komen van de verzamelde arbeiders, het traditionele loonsysteem (met loon naar werken) zou verdwijnen, en het werk zou eindelijk afwisselend en aangenaam worden.
Er zou een definitief einde worden gemaakt aan de extreem ver doorgevoerde arbeidsdeling die onder het kapitalisme zorgde voor vergaande afstomping en vervreemding van de arbeiders. De mensen zouden afwisselend en inspirerend werk krijgen en zich opofferingsgezind en geheel vrijwillig willen inspannen voor de gemeenschap als geheel. Men zou slechts vier of vijf uur per dag hoeven te werken en daarnaast voldoende tijd overhouden voor artistieke, wetenschappelijke en creatieve ontwikkeling. Met behulp van de inzet van alle beschikbare arbeidskrachten en het gebruik van de meest geavanceerde technologieën zou het volgens Kropotkin geen enkel probleem vormen om de burgers te voorzien van voldoende voedingsmiddelen en gebruiksgoederen. Er zouden ook ruimschoots huizen beschikbaar zijn en het anarchistisch socialisme zou zelfs ruimte bieden voor een hoge mate van luxe en comfort: het zou derhalve niet alleen bij de voorziening van de eerste levensbehoeften blijven.
Men kan zich goed voorstellen dat Kropotkin met deze visionaire en aantrekkelijke schets van een anarchistische maatschappij veel van tijdgenoten wist te overtuigen van de noodzaak van een revolutionaire sociale en politieke verandering. Als zodanig levert De verovering van het brood dan misschien wel niet de meest diepgaande en wetenschappelijk verantwoorde verhandeling van het anarchisme op, maar wel een van de meest toegankelijke en samenhangende uitwerkingen van de praktische én theoretische aspecten van het anarchistisch socialisme.


2. Leven en werk
Peter Kropotkin werd geboren in Moskou in het jaar 1842. Zijn vader was officier in het leger van Tsaar Alexander de Tweede en bezat een groot landgoed met meer dan 1200 lijfeigenen. Op vijftienjarige leeftijd werd de jonge Kropotkin lid van het pagekorps van de tsaar en volgde hij een opleiding die voorbereidde op een carrière in het leger. Na het afronden van zijn militaire opleiding in 1862 koos hij voor detachering in Siberië. De vijf jaar die hij vervolgens in Siberië doorbracht, veranderden zijn leven. Hij ontmoette mensen uit alle rangen en standen en kreeg de gelegenheid kennis te maken met de zeden en gewoonten van de gewone boeren.1
In deze periode kwam hij tot het fundamentele inzicht dat bij werkelijk belangrijke aangelegenheden hiërarchie en discipline niet effectief zijn en dat het onverstandig is om aan een klein aantal leiders de bestuursmacht over te dragen. Hij raakte overtuigd van het belang en de rol van het gewone volk bij de totstandkoming van belangrijke historische gebeurtenissen en van de voordelen van semi-communistisch georganiseerde dorpsgemeenschappen. In Siberië kwam geleidelijk zijn anarchistische filosofie tot ontwikkeling waarin de nadruk ligt op autonomie van het individu en een maatschappij wordt nagestreefd zonder gecentraliseerde en hiërarchische staat.2
Van 1867 tot 1872 studeerde Kropotkin geologie, geografie, wiskunde en biologie in St. Petersburg. Hij verwierf aanzien met publicaties over de geologische ontwikkeling van Azië en werd uitgenodigd om secretaris te worden van het Russisch Geografisch Genootschap. Kropotkin gaf echter de voorkeur aan het ontwikkelen van politieke activiteiten. In 1872 maakte hij zijn eerste reis naar West-Europa en kwam in contact met de Internationale Arbeidersassociatie. Cruciaal was zijn ontmoeting met leden van de zogenaamde Jurafederatie. Deze federatie zou een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van het socialisme door er een niet-regeringsgebonden, ‘anarchistische’ tendens aan toe te voegen.3
Na dit verblijf in Zwitserland keerde Kropotkin terug naar Rusland waar hij zich aansloot bij de radicale Tsjaikovsky-groepering, een geheime groep van jonge intellectuelen die zich bezighield met revolutionaire activiteiten. Het duurde echter niet lang of Kropotkin werd opgepakt en ervan beschuldigd tot een geheim genootschap te behoren en samen te zweren tegen de Tsaar (in 1874). Hij werd opgesloten in de beruchte Peter-Paulsvesting in St. Petersburg. Na twee jaar eenzame opsluiting belandde hij in een militair hospitaal, waaruit hij met behulp van vrienden op spectaculaire wijze wist te ontsnappen.
Hierna verbleef Kropotkin enkele jaren in Zwitserland, tot hij in 1881 op verzoek van de Russische regering het land werd uitgezet. Hij verhuisde naar Frankrijk waar hij het tijdschrift Le Révolté oprichtte en een begin maakte met het schrijven van anarchistische pamfletten en artikelen. In 1883 werd hij wederom gearresteerd en drie jaar lang gevangen gehouden in de gevangenis van Clairvaux. Na zijn vrijlating en uitzetting uit Frankrijk vertrok hij in 1886 met zijn vrouw en dochter naar Engeland, waar hij ruim dertig jaar verbleef. 4
Om in zijn levensonderhoud te voorzien schreef Kropotkin artikelen over geografische onderwerpen en boekbesprekingen voor wetenschappelijke tijdschriften. Het grootste gedeelte van zijn tijd besteedde hij echter aan het verder uitwerken van zijn anarchistische theorieën. Zijn onderzoekingen leidden hem tot het blootleggen van bepaalde libertaire tendenzen in de maatschappij die een indicatie vormden voor de toekomst.
Gedurende zijn verblijf in Engeland schreef Kropotkin zijn belangrijkste theoretische bijdragen aan het anarchisme waaronder La conquête du pain (1892, Nederlandse vertaling De verovering van het brood, 1894), L’ état, son rôle historique (1897, Nederlandse vertaling, De staat, zijn rol in de geschiedenis), Fields, factories and workshops (1899, Nederlandse vertaling Landbouw en industrie, hoofd- en handenarbeid vereenigd, 1902), en Mutual aid: a factor of evolution (1902, Nederlandse vertaling Wederkeerig Dienstbetoon: een factor der evolutie, 1904. Een herdruk van dit boek is ook bij Kelderuitgeverij verschenen onder de titel Wederzijdse hulp, een factor in de evolutie). In deze werken analyseerde hij de economische, sociale en politieke ontwikkeling van de westerse landen en ontvouwde hij het ideaal van een vrije en egalitaire samenleving naar anarchistisch-socialistisch model.5
Het uitbreken van de Russische revolutie in 1917 markeerde de laatste levensfase van Kropotkin. Na meer dan veertig jaar ballingschap keerde Kropotkin op 75-jarige leeftijd terug naar Rusland. In juni 1917 arriveerde hij in St. Petersburg, verwelkomd door een grote massa aanhangers. Kerensky, die sinds juli 1917 minister-president was, bood Kropotkin een plaats aan in de voorlopige regering als minister van onderwijs, die hij echter niet accepteerde. Na het grijpen van de macht door de bolsjewieken in oktober 1917 raakte Kropotkin al snel teleurgesteld over de resultaten van de revolutie. Hij ontmoette Lenin meermalen en trachtte, overigens zonder succes, invloed uit te oefenen op de revolutie. Actief schrijvend aan een lijvig boek over ethiek (Ethika, postuum uitgegeven in 1922, Nederlandse vertaling Ethiek, 1932) overleed Kropotkin op 79-jarige leeftijd in 1921. Zijn begrafenis was een indrukwekkende politieke manifestatie, waaraan meer dan 20.000 mensen deelnamen. Het was de laatste gelegenheid dat anarchisten openlijk konden demonstreren tegen het toenmalige Sovjet-regime.6


3. Nadere analyse
Het centrale uitgangspunt van Peter Kropotkin in De verovering van het brood is het ‘recht op welzijn’ van alle mensen. In het boek analyseert hij hoe het bestaande kapitalistische economische systeem dit recht op welzijn en geluk fundamenteel ondermijnt. Het kapitalistische stelsel van privé-eigendom van productiemiddelen leidt in de praktijk van alledag alleen maar tot rijkdom van een kleine groep, tot uitbuiting en armoede voor de massa en tot grote sociale ongelijkheid. Deze onrechtvaardige maatschappelijke verdeling is volgens Kropotkin absoluut onaanvaardbaar en dient na de sociale revolutie ingrijpend te veranderen. De kerngedachte van het boek is feitelijk dat de bezittingen van de mensheid het resultaat zijn van de inspanningen van vele generaties en niemand in staat is om de grootte van zijn of haar bijdrage aan de rijkdom van de wereld aan te geven. Op basis van deze overwegingen pleit Kropotkin voor de afschaffing van privé-bezit en de algemene collectivering van de productiemiddelen.
Wat betreft de beloning van arbeid staat Kropotkin in zijn ideale anarchistisch-socialistische maatschappij een volledige gelijkheid voor. Ook in dit geval beargumenteert hij op intrigerende wijze dat het in de praktijk onmogelijk is uit te maken wat een ieders precieze aandeel is in de totale door iedereen geproduceerde welvaart. De verdeling van goederen en diensten zou voortaan dienen te geschieden op basis van het behoefteprincipe in plaats van het beloningsbeginsel. Het uiteindelijke gevolg zou een samenleving zijn zonder de economische uitbuiting, het egoïsme en de overheersing die in Kropotkins visie kenmerkend zijn voor de kapitalistische maatschappij. Er kan een nieuwe solidariteit onder de mensen ontstaan op basis van gezamenlijk en onbaatzuchtig werken, gelijk bezit en gelijke beloning. De sociale gelijkheid zou leiden tot een groot gemeenschapsgevoel en een verhoging van het morele niveau en ook het algemene welvaartsniveau van de samenleving. Het anarchistisch-socialisme zou eveneens het einde betekenen van de geestdodende arbeid in de fabrieken en de buitengewoon slechte arbeidsomstandigheden. In De verovering van het brood (en eveneens in Landbouw en industrie, hoofd- en handenarbeid vereenigd) beschrijft Peter Kropotkin een gedecentraliseerd systeem van productie waarin de goederen vervaardigd worden in kleine fabrieken of werkplaatsen die over het hele land zijn verspreid, dicht bij de akkers en velden. Het resultaat zou bestaan uit kleinschalige lokale eenheden, waar de burgers industriële en agrarische activiteiten in een harmonische samenhang zouden combineren en zowel geestelijk als lichamelijk werk zouden verrichten. De werkzaamheden zouden gevarieerd moeten zijn en de mensen weer werkelijk plezier in hun arbeid moeten verschaffen. Zoals al eerder gezegd, zou de strikte arbeidsdeling van de baan zijn en de werkdag worden verkort tot vier of vijf uur, waardoor voldoende tijd overblijft voor rust, zelfontplooiing en een actief gemeenschapsleven.
Op politiek terrein voorziet Kropotkin het verdwijnen van de gecentraliseerde natiestaat. De centrale hiërarchische politieke structuren worden vervangen door een gedecentraliseerd systeem van economische, sociale en politieke besluitvorming. Kropotkin verwacht dat de gemeenschappen, dorpen en steden voortaan geheel zelfbesturend zullen zijn en zich spontaan zullen verenigen door vrijwillige samenwerkingsverbanden aan te gaan (een – zogenaamd – ‘federatief’ systeem). Voormalige taken van het centrale staatsapparaat worden overgelaten aan het initiatief van vrij opgerichte organisaties, verenigingen, verbonden of gemeenschappen, die overal zullen opbloeien voor het bevredigen van alle mogelijke en denkbare menselijke behoeften.7
Het beeld dat naar voren komt is van een maatschappij die is opgebouwd uit een veelheid van organisaties. Er zijn gemeenschappen op industrieel, intellectueel en artistiek gebied, gemeenschappen voor voedselvoorziening, scholing, onderlinge bescherming en veiligheid, enzovoort. Al deze gemeenschappen zullen vrijwillig met elkaar samenwerken en ‘federeren’ op basis van vrije overeenkomsten. Voortaan worden de verhoudingen tussen de mensen niet meer bestuurd door boven de mensen staande instellingen, maar door vrijwillige overeenkomsten.8
Een ander aspect van Kropotkins denken dat bespreking behoeft, is hoe naar zijn inzicht egoïstisch of anti-sociaal gedrag van de leden van de samenleving beheerst kan worden. Wat moet men doen met mensen die niet bereid zijn om te werken voor de kost of die onophoudelijk onmaatschappelijke handelingen verrichten zoals stelen? In De Verovering van het brood beargumenteert hij dat gevangenissen de gevangenen niet verbeteren. Integendeel, in de grote meerderheid van de gevallen hebben gevangenissen een uiterst slechte invloed op de geïnterneerden. De dief, de zwendelaar die een paar jaar in de gevangenis heeft doorgebracht, komt eruit met een sterkere neiging dan ooit tevoren om in zijn vroegere slechte levenswandel terug te vallen.
Kropotkin formuleert het bekende adagium ‘dat gevangenissen de universiteiten van de misdaad zijn’, in stand gehouden door de staat. Luiheid, egoïsme en misdaad kunnen in een anarchistisch-socialistische maatschappij volgens hem grotendeels worden voorkomen door het bezit gelijkelijk te verdelen en door de onpersoonlijke verhoudingen te vervangen door intensievere onderlinge betrokkenheid (sociale controle). Strengere straffen hebben in zijn visie veelal averechtse gevolgen en de eventuele ‘heropvoeding’ van mensen moet eerder gezocht worden in het leren omgaan met de nieuw verworven vrijheid en het consequent ervaring opdoen met vormen en praktijken van solidariteit, wederkerige hulp en wederzijds dienstbetoon. Al zal dit wellicht niet in alle gevallen volledig slagen, het accent moet naar zijn idee altijd liggen op een broederlijke aanpak en morele ondersteuning, niet op vergelding en straf.
Tenslotte: hoe zou volgens Kropotkin de sociale revolutie in de richting van een anarchistisch-socialistische maatschappij verlopen? Naar zijn idee moet de sociale revolutie spontaan en van onderop ontstaan en niet gericht zijn op het grijpen van de bestaande politiek macht, maar op het afschaffen van die politieke macht (of te wel: de gecentraliseerde kapitalistische staat). Anders dan bijvoorbeeld Michael Bakoenin is Peter Kropotkin gekant tegen de inzet van geheime genootschappen en verzet hij zich tegen gewelddadigheden. Ook uit zijn Memoires van een revolutionair blijkt een stellige voorkeur voor propaganda, overleg en overreding als te hanteren revolutionaire middelen. Hoe zou men tenslotte een vreedzame en vrijheidslievende samenleving kunnen verwerkelijken met behulp van gewelddadige en vrijheidsbedreigende middelen? In De verovering van het brood stelt hij dan ook de mogelijkheid voor van een ‘spontane’ volksrevolutie, die van de massa zelf uit zou gaan. De massa zou de bezittende elite dienen te onteigenen en bezit moeten nemen van de middelen van productie, de landerijen, de huizen, de winkels en vervolgens op geheel eigen kracht een nieuwe anarchistische maatschappelijke orde opbouwen. Op goede gronden wijst Kropotkin het idee af van een leidende intellectuele voorhoede die na de revolutie ‘voor het volk’ de maatschappij zou besturen. Hij wilde hoe dan ook voorkomen dat er nieuwe leiders en politieke machthebbers zouden ontstaan.9


4. Korte evaluatie van Kropotkins ideeën
Ondanks al zijn grote inspanningen om de anarchistische theorie een verantwoorde en degelijke wetenschappelijke grondslag te geven, kan gesteld worden dat Kropotkins theorie uiteindelijk niet vrij is van een aantal ‘utopische’ elementen. In zijn theorie lijkt een meer diepgaande analyse te ontbreken van de bestaande machtsverhoudingen in de maatschappij waardoor écht revolutionaire veranderingen in de praktijk worden tegengewerkt, de materiële levensverhoudingen die veranderingen mogelijk maken, en vooral de groepen en organisaties die veranderingen wensen en deze op een effectieve manier teweeg kunnen brengen.
Men kan Kropotkin ook bekritiseren om zijn relatief optimistische opvatting van de mogelijkheden van spontane organisatie van onderaf en het feit dat hij naar verhouding erg positief is over de menselijke natuur: de mens is volgens hem in wezen deugdzaam, niet geneigd tot luiheid, gericht op de belangen van de anderen, en in staat om zonder gezag harmonieus samen te leven. Zijn ideeën over een ‘spontane volksrevolutie’ die uitgaat van de massa van het volk en die als vanzelf zou kunnen leiden tot een vreedzame omwenteling in de richting van een anarchistisch-socialistische maatschappij lijken tamelijk kwetsbaar. Tegenstanders van het anarchisme stellen dat niet definitief valt te bewijzen dat Kropotkins maatschappelijke ordening zonder uitgebreide en centrale staat min of meer vanzelfsprekend vreedzaam en harmonieus zal zijn. Zij stellen dat egoïsme, competitiedrang en machtsstrijd evengoed deel uitmaken van de menselijke natuur als onbaatzuchtigheid, solidariteit en wederkerige hulp.
Daarnaast lijkt Kropotkin op bepaalde momenten in zijn theorie over het hoofd te zien dat er een kans is dat dwang in een samenleving kan toeslaan wanneer er een staat ontbreekt. Volgens sommige critici is er in een anarchistisch-socialistische maatschappij een niet ondenkbeeldig risico dat verschillende recalcitrante en kwaadwillende groepsleden zich aaneensluiten en genoeg ‘hulpbronnen’ weten te verzamelen om macht te kunnen uitoefenen over de anderen. Juist waar er een soort van machtsvacuüm heerst, zou volgens deze kritiek wel eens een soort ‘gangsterstaat’ kunnen ontstaan, waarin een kleine groep fysiek sterke en gewapende misdadigers het de anderen het leven zuur maakt. Kropotkin vertoont in zijn werk de neiging om het gevaar te onderschatten dat er juist door het ontbreken van een staat in een maatschappij mogelijkerwijs ongewenste dwang zou kunnen ontstaan. Dit is en blijft een lastig probleem voor het anarchistische gedachtegoed in het algemeen. Een ander punt van kritiek tegen Kropotkins ideale anarchistische samenleving is dat hij wel erg hoge verwachtingen heeft van het onderwijs dat volgens hem universeel en integraal moest zijn. Universeel in die betekenis dat iedereen een gelijke scholingskans zou krijgen en er een einde zou komen aan de bevoordeling van kinderen van beter gefortuneerden, die veelal – ook in die tijd – de hogere opleidingen bevolkten. Integraal in die zin dat hij een zeer algemene opleiding wilde waarin wetenschappelijk onderricht en het aanleren van handvaardigheden gecombineerd zouden zijn. Op deze wijze wilde Kropotkin scholing gebruiken om mensen zich in ruime mate algemeen en veelzijdig te laten ontwikkelen, en te leren om zowel met de hersens als met de handen om te gaan. Zijn verwachtingen van dit nieuwe onderwijsmodel waren wel heel hoog gespannen. Hij verwachtte dat het over de gehele linie vrijheidslievende, solidaire en onbaatzuchtige mensen zou scheppen, die perfect zouden kunnen omgaan met een gezagsloze organisatie, en die voortdurend met elkaar in een fundamentele belangengemeenschap zouden verkeren. Men kan zich echter afvragen of Kropotkin de mogelijkheden van opvoeding en scholing hiermee niet al te zeer heeft overschat en uiteindelijk toch niet teveel vertrouwen heeft gesteld in de mogelijkheden om door middel van educatie de mens ‘aan te passen en te verbeteren’.


5. Moderne relevantie
Ondanks deze niet eenvoudig weg te cijferen kritiekpunten en denkbare bezwaren blijft de anarchistisch-socialistische theorie van Peter Kropotkin fascineren. Naar mijn idee kunnen de anarchistische denkbeelden van Kropotkin nog altijd van onschatbare waarde worden geacht. Zo vraagt Kropotkin door zijn diepgravende analyses consequent aandacht voor autoritaire structuren en dwangmatige verhoudingen in de samenleving. Hij geeft aan waar de belangrijkste onvrijheden liggen van de moderne mens in de industriële maatschappij en binnen de liberaal-democratische staat. Volgens hem zijn de belangrijkste kettingen die de moderne mens ketenen die van hiërarchische organisatie, overal in de maatschappij waar ‘hoog’ macht uitoefent over ‘laag’. Zeker in al die gevallen waar piramidale organisatievormen en hiërarchie van bovenaf nog overheersen, heeft deze maatschappijkritiek zeker niet aan betekenis ingeboet. Zijn ethische ideeën van individuele vrijheid, solidariteit en sociale rechtvaardigheid hebben zonder twijfel – naar mijn idee volkomen terecht – nog altijd op velen een grote en blijvende inspirerende kracht.
Kropotkins anarchistisch-socialistische theorie maakt hét onderwerp van de geschiedenis van de politieke filosofie, namelijk de staat, op ongebruikelijke en alternatieve wijze bespreekbaar. Hoe moeilijk is het niet om jezelf los te maken van de bekende en vertrouwde werkelijkheid van de westerse verzorgingsstaat om andere en betere mogelijkheden te zien. De meeste burgers kunnen zich een leven zonder uitgebreid staatsapparaat al helemaal niet meer voorstellen. Peter Kropotkin analyseert echter scherp en precies dat de mensheid het vele duizenden jaren zonder een staat heeft gesteld, dat de gecentraliseerde eenheidsstaat pas enkele eeuwen bestaat en dat ook andere, ‘alternatieve’ opties denkbaar en werkbaar zijn.10
En natuurlijk mag niet vergeten mag worden dat het werk van Kropotkin vele andere prominente sociale en politieke denkers heeft beïnvloed, waaronder Mahatma Gandhi, Martin Buber, Lewis Mumford en Paul Goodman. In Nederland werden in de jaren zestig de leerstellingen van Kropotkin geadopteerd door de Provobeweging (onder andere door Roel van Duyn).11
De moderne Amerikaanse politiek filosoof Murray Bookchin (geboren 1921), die veel publiceert over ecologische vraagstukken, vindt in Kropotkin zijn voornaamste inspiratiebron. Bookchin beschouwt hem als een van de eerste ‘ecologische filosofen’, aangezien in zijn werk het bestaan van natuurlijke afhankelijkheden tussen mensen onderling én tussen de mens en zijn leefomgeving een centrale plaats inneemt. Bij de inrichting van zijn ideale anarchistische maatschappij wenst Kropotkin rekening te houden met een aantal fundamentele principes die afkomstig zijn uit de natuur, zoals wederzijdse hulp, onderlinge solidariteit, samenwerking, zelfbestuur en het streven naar een ecologisch evenwicht.12 De denkbeelden van Kropotkin zijn dan misschien niet langer bruikbaar als een soort compleet kookboek of ‘perfecte en foutloze blauwdruk’ voor een nieuw te construeren samenleving, maar wel als analytisch hulpmiddel. Zijn gedachten kunnen fungeren als een contrasterend ‘tegenbeeld’ om kritisch naar de omringende werkelijkheid te kunnen kijken en te leren nadenken over diepere levensvragen en politieke verschijnselen. In dit opzicht kunnen Kropotkins ideeën ons nog altijd in staat stellen om in duidelijke tegenstellingen te denken, de werkelijkheid scherper te beschouwen en daarin nieuwe, onvermoede ‘anarchistisch-socialistische’ perspectieven te ontdekken.

> terug naar uitgave